Een Grenadijnse suikertaart

Hoe vaak kom je in een kerk waar je een steeds bredere grijns op je gezicht krijgt? Nauwelijks. Voor wie dit ook wil meemaken: in het noorden van Granada, in een duffe wijk vol blokkendozen van de plaatselijke universiteit, ligt een pareltje verscholen voor de liefhebbers van de barok. Het Cartuja, een klooster als een suikertaart.

Van alle bouwstijlen was de barok (met als hoogtepunt de late barok of de rococo) de degene die ik meest verfoeide. Zoals vaak gezegd wordt bij barok (ook door mijn gids Mario uit Toledo): je haat het of je houdt ervan, waarbij de laatsten voor mijn gevoel zwaar in ondertal zijn. Maar zo zwart-wit ligt het bij mij helemaal niet meer. Ik ben mijn traditionele haatstadium inmiddels voorbij. Au contraire. Voor mij kan het inmiddels niet barok genoeg. Tenminste, het moet zo barok zijn zodat het lachwekkend of zelfs inspirerend wordt.

Het koor in het monasterio Cartuja

Wie barok-over-de-top wil, wil het Kartuizer klooster Cartuja in Granada. Toegegeven, in Spanje ben ik al andere fraaie vormen van grotesk onmogelijke barok tegengekomen, waarvan de één van de beste te vinden is in het achterste gedeelte van de kathedraal van Toledo, maar het Cartuja vormt op haarzelf gewoon een nieuw hoofdstuk in de barok. Barokker, barokst, Cartuja, zogezegd.

Hoe kwam ik dit klooster op het spoor? Door Rik Zaal, de meest cynische Spaans reisgids die tot op heden ben tegengekomen. Zaal haalt over dit klooster de Italiaanse kunsthistoricus Mario Praz aan. Hij beschreef het klooster als volgt: ´De zaal is een grot van suiker, het kostbare meubilair is glanzend bruin als knapperige koekjes, het marmer heeft de kleuren van gesuikerde vruchtjes, de wanden lijken versierd met guirlandes van creme en slagroom, de deuren lijken plakken chocola. Zo moet de troonzaal van de koning van Luilekkerland eruitzien´.

Een bruidstaart, oftewel: Luilekkerland

Deze uitnodiging kon ik niet aan mij voorbij laten gaan. Na een volgens mij niet helemaal legale parkeerplaats op het universiteitsterrein in het noorden van Granada te hebben gevonden, ging ik door de kloosterpoort.

Wat een teleurstelling. Redelijk saaie – ik zou bijna stellen protestants – witte zalen volgehangen met schilderijen. Daarop welhaast een peloton aan monniken met allerlei wapentuig afgebeeld, die er zoals wel vaker in katholieke kunst ons eraan moet herinneren hoe deze monniken als martelaar aan hun einde zijn gekomen. Het heeft alles te maken met de Engelse koning Hendrik VIII, die zich niet alleen tot hoofd van de kerk liet benoemen, maar ook de kloosters liet ontbinden. Aangezien de Kartuizers zich weinig succesvol daartegen verzetten, eindigden velen in de Tower of London of op het executieschavot. Ter nagedachtenis wordt de bezoeker op twee zaaltjes vol getrakteerd.

Deze twee heren zijn respectievelijk voor de speer danwel bijl gegaan

Maar dus nog geen barok, en op de binnenplaats evenmin.

Niet gefotoshopt: dit zijn de oorspronkelijke kleuren.

In de laatste zalen echter wacht de beloning. Ik lach zodra ik het zie, wat meteen ook een beetje raar voelt – hier in je eentje in zo´n klooster staan te lachen. Want jawel, elke muur, maar dan ook élke muur is een verfraaiing. Geen gladde wand of effen stuk hout meer te bespeuren: elk oppervlakte waar men enig gepriegel kon construeren is gebruikt. Achter het altaar bevindt zich een Mariabeeld in een constructie die als een soort decadente chipolatapudding met goud overgoten lijkt. Dat geldt ook voor het marmeren gevaarte erachter waarin volgens mij een tabernakel te vinden is. Overal zijn gouden bogen, met gouden engeltjes, met gouden appeltjes, onder gouden versierseltjes op gouden pilaren. Om het allemaal nog wat beter uit te laten komen, is het klooster ook zo vriendelijk om er wat lampen op te zetten. Zodra je je neiging om kerkhervormer te worden hebt onderdrukt, denk je: ‘schitterend’.

Niet bezuinigd op het goud.

En waar geen goud is, is schilderwerk. Liefst zo decoratief en rijk mogelijk. Een zoetroze engeltje lacht me toe tussen allerlei trossen fruit. Ja, als dit de hemel zou moeten zijn, opteer je bijna voor de hel, want het doet denken aan als de kleffe inrichting van een doorsnee Oostenrijks hotel. Maar toch niet helemaal. Want je waar in dat hotel gewoon kitsch hangt, is dit is toch wel een kunstvorm in optima forma.

Waarvoor diende al dit handwerk, dit vakwerk en die rijkdom? Het had ook met de tijd te maken. Binnen de katholieke kerk werd de barok ingezet als contra-reformatorisch wapen om aan te tonen hoe de ware kerk zich verhield tot de grauwe van alle tierlantijnen ontdane protestantse kerken.

Let op de decoratieve details

Tegelijkertijd vraag je je af waarom juist de normaal als één van de allerstrengste orde der Kartuizers hiervoor heeft gekozen. In dit type kloosters is men zo sober dat je er vaak niet eens mag spreken (zie bijvoorbeeld de documentaire Die grobe Stille van Philip Gröning) Misschien alsof ze hetgeen wat ze niet mogen zeggen, juist in de bouwkunst wilden compenseren en voor het barokst mogelijk gingen? Hoe dan ook, het klooster is voor diegenen die het Alhambra al gezien hebben en nog wat tijd over hebben in Granada zeker een bezoek waard.

Praktische informatie:

  • Geopend: van 10.00-13.00 u. en 15.00-18.00 u. (en in zomer geloof ik later)
  • Entree: €4, pensionado´s €2,50. Gratis: gehele dinsdag of iedere dag vanaf 16.00 u.
  • Parkeren problematisch, maar de met name Spanjaarden trekken zich hier weinig van aan rijden de auto gewoon de binnenplaats op. Volgens mij niet de bedoeling.

 

 

 

2 gedachten over “Een Grenadijnse suikertaart”

  1. Nu maar hopen dat je niet dusdanig geïnspireerd en dronken van al
    die barokke gelukzaligheid bent geworden dat je besluit in zo’n klooster in te treden. Ook jammer voor Maartje!

  2. Juist de rust die de binnenkant van een kerk vaak uitstraalt, adoreer ik. Maar dat zal met dit soort barok niet mee vallen, je weet gewoon niet waar je het eerst naar moet kijken, zo druk is het.
    In kerken/kapelletjes kan ik wel genieten van mooi gekleurd glas in lood werk en beschilderde plafonds bijv. het houten plafond in het sfeervolle kerkje van Riethoven waar we onlangs de kerstviering bezochten.
    Dus zo’n bruidstaart is niet echt aan mij besteed ….. óf het moet écht eetbaar zijn 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.