Stevig stoempen op de Via Verde

Ik heb mijn oordopjes van mijn muziekapparaatje uitgedaan om de stilte beter te kunnen horen. Je hoort hier niets. Nou ja, niets. Een paar vogels, een overvliegend vliegtuig, in de verte een cementfabriek, en een groepje zenuwachtig blaffende honden in een eenzame kennel. En verder niets dus. Een grijze sprinkhaan hobbelt van steen tot steen. Hij lijkt net als ik niks te doen te hebben.

Ik fiets door het landschap vlak buiten Madrid. Het is eind oktober, maar in een laat herfstzonnetje moet ik nog oppassen dat ik niet verbrand. De olijfbomen aan de kant van de weg dragen vele olijven die nog niet rijp zijn, hoewel het binnenkort toch oogsttijd zal zijn voor de olijfboeren. Het is onvoorstelbaar dat het bijna november is, en je hier in korte broek en wielrenshirtje badend in het zweet op je fietsje kunt zitten. Af en toe moet ik stevig aanzetten: het is buiten Madrid al direct heuvelachtig.

Het absolute niks, behalve de sprinkhaan dan.
Het absolute niks, behalve de sprinkhaan dan.

Toch is het nergens werkelijk steil en dat komt omdat dit een zogenaamde Via Verde (‘groene weg’) is. Het is inmiddels een bekend Europees fenomeen: op stukken waar vroeger spoorrails lagen, zijn nu fietspaden verschenen. Ze hebben vele voordelen: ze liggen vaak midden in de natuur, gaan redelijk recht op hun doel af, zijn makkelijk te bereiken met het OV, en… gezien de treinen niet sterk heuvelop konden, zijn de fietspaden ook niet zo steil. En dat is in het bergachtige Spanje een grote plus. Niet voor niets zagen we een jaar geleden op één of andere vakantiebeurs het Spaanse bureau voor toerisme de routes aanprijzen aan enkele geïnteresseerde bejaarden.

Via verde: buiten Madrid langs rustige dorpjes met mooie kapelletjes
Via verde: buiten Madrid langs rustige dorpjes met mooie kapelletjes

Er liggen enkele Vias Verdes in en rond Madrid. Dat is goed nieuws, want andere fietspaden zijn buitengewoon schaars. De Vias heten groen te zijn, maar dat is niet altijd het geval: ook de ‘rondweg’ van fietsroutes die o.a. door het natuurgebied Casa de Campo aangelegd is, gaat op vele plekken langs de andere rondweg, de snelweg dus.

De Madrilenen en fietsen, het is een relatie die zich slechts langzaam ontwikkelt. Inmiddels zijn in de stad vele witte stadsfietsen in gebruik, met kleine elektromotoren om de heuvels de baas te kunnen. Maar ondanks deze flinke groep fietsers  is de fietser hier in het verkeer nog vaak een vogelvrij voorwerp. Toen wij hier net woonden zagen we direct in de krant dat er fietser doodgereden was in het verkeer. Braaf kochten wij direct een helm.

Belangrijker is echter je eigen weggedrag. Als fietser die je hier midden tussen het verkeer op driebaanswegen plaats te nemen. Activistische fietsersgroepen geven les in hoe je daar dient te rijden: niet aan de rechterkant, maar juist op het midden van de baan. Daar zit wat in: als je langzaam naar rechts gaat komt er een auto op je baan, die je langzaam naar rechts duwt, en dan kom je klem te zitten tussen deze wagen en de bussen en taxi’s die rechts van je rijden. Fietsen in Madrid: een soms wat gevaarlijk avontuur. Maar ik voel me tegelijkertijd ook wel vrij als ik op een vierbaansweg op de Gran Via tussen alle Jugendstil-achtige hoogbouw met het verkeer mee race. In volle vaart de heuvels af.

Tussen de olijfbomen
Tussen de olijfbomen

Nu ploeg ik echter met moeite een helling op: hier overduidelijk geen voormalig treinspoor. Madrid en daarmee de beschaving is ver achter me. Hier enkel dorpjes, een half ingestorte verlaten fabriek, een stoffig voetbalveld waar de laatste grasspriet omstreeks 1963 is verdwenen. Graffititeksten op een muurtje schreeuwen om de omverwerping van het kapitalistische systeem.

Ik rijd hier alleen, en zie behalve een groepje bejaarden lange tijd niemand. Toch is dat niet gebruikelijk, hoor ik later van een Spaanse wielrenner. De Vias Verdes blijken toch heel populair te zijn. ‘Zaterdag en zondag is het hier enorm druk’, bezweert hij me. Als ik opstap voorspelt hij me dat ik nog 9 kilometer flink moet klimmen. Ik zeg quasi-overtuigd dat ik een goede fiets heb. ‘Aan een goede fiets heb je niet zoveel zonder goede spieren,’ lacht hij.

Dat was erg waar, denk ik terwijl ik de heuvel nauwelijks de baas kan. Met een paar laatste trappen hoop ik de top te bereiken. Als ik in mijn stuur hang van vermoeidheid zie pas op het laatste moment een grijze massa op een paar meter van mijn fiets. Een lange dunne slang schiet net weg, mist goddank net mijn spaken. ‘Ja’, denk ik, ‘fietsen op de Via Verde, niks voor bejaarden, juist voor echte mannen.’

img_1992

Praktische informatie:

Via verde: o.a. route van Arganda del Rey (eindstation metrolijn 9, met de fiets mag je buiten de spits in de metro!) naar Estremera en terug, 108 km. Kaart: Bicimap Tajuña. ISBN: 978-84-615-7459-9

 

3 gedachten over “Stevig stoempen op de Via Verde”

  1. Sportief bezig Twan! Wij kennen Voie Verte (= Via Verde van Frankrijk). Zo heel Bourgondië per fiets omzoomd, over verharde oude spoorlijnen én jaagpaden langs kanalen. Inderdaad alleen maar fietsverkeer … heerlijk! En die kleine sfeervolle kapelletjes zijn zó mooi! Tijdens onze fietstochten voelt Harrie ‘de bui al hangen’ als hij zo’n mini huisje in de verte ziet verschijnen (wéér afstappen, klein geld zoeken, kaarsje aansteken).
    Vandaag ben ik naar een foto-expositie in Westerhoven geweest, op de terugweg fietste ik ‘zomaar’ langs ’t Valentinuskapelletje a/d Keersop én natuurlijk … ’n kaarsje laten branden voor iedereen die wat extra steun kan gebruiken 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.