De gevreesde Spaanse zomer

We waren er voor gewaarschuwd. De Spaanse, of beter gezegd, de Madrileense zomer. Verzengend, afmattend, niet te harden, ja zelfs hels: ‘Madrid – nueve meses de invierno, y tres de infierno.’ Negen maanden winter en drie maanden de hel, zoals het lokale gezegde luidt.

De zomer. Van meer dan 40 graden. Je wilt dan niet in Madrid zijn. Ga naar Barcelona, was een advies dat we hoorden toen we nog moesten beslissen waar we gingen wonen: ‘ja, Madrid, een leuke stad, maar die zomer…’

Menige thermometer lijkt inmiddels van slag
Menig thermometer lijkt inmiddels van slag

Nu is de zomer in Madrid al langere tijd iets waar de ietwat welgesteldere Madrileen voor de benen nam. Zo heeft het koninklijk huis lange tijd in de warmere maanden in hun zomerpaleis in La Granja geresideerd om de Madrileense zomer te ontlopen. El Pais noemde laatst als vluchtoord ook het reeds verloren gegane paleis dat vroeger in het Retiropark stond, maar ja, dat is wel erg lafjes uitwijken (lees: dat ligt ongeveer naast onze deur, die toch niet bepaald koninklijke allure heeft). Maar ach, misschien was men in de zeventiende eeuw niet zo zwak van aard, en bleef men gewoon in Madrid. Iemand moest immers toch het koninkrijk draaiende houden.

Ook nu nog hebben veel Madrilenen een tweede huisje aan zee (de Madrileen rijdt graag voor anderhalve dag eventjes op en neer naar Valencia) of, dichterbij, in het nabijgelegen berggebied de Guadarrama. De wegen staan aan het begin en einde van het weekend altijd vol. Alleen de luie of armere Madrileen zonder buitenhuis blijft in de stad, en zoekt snel een plekje in de schaduw, indachtig Frans Halsema’s ‘vluchten kan niet meer, schuilen kan nog wel’. Het zorgt tegelijkertijd voor een sympathieke rust in de stad.

Duif heeft het ook warm
Duif heeft het ook warm

Ik vind het eigenlijk zodoende wel prima. Het kwik komt hier niet onder de 25 graden, en ja we hebben al een aantal dagen boven de 40 graden gehad. Er staat hier meestal wel een briesje en de luchtvochtigheid is niet zoals in Nederland waardoor het niet klam wordt.

En je past je aan. Het lome tempo, alles een paar versnellingen lager. Mijn gejaagdheid en jakkerende straatefficiëntie verdwijnen langzaam zodat ik oude mensen niet langer ondersteboven loop of rij. De stoepen die aan de ene kant volslagen leeg zijn, en de andere kant druk: de zonzijde en de schaduwzijde. Het na één keer dit vergeten te zijn automatisch informeren naar de airco bij een huurauto. Erachter komen dat de rolluiken vooral tegen de zon en niet tegen criminaliteit zijn.

42 graden om half zes in de avond
42 graden om half zes in de avond

Het dragen van een vrolijk rieten hoedje (hoef je zeker niet toerist voor te zijn – want onderdeel van de garderobe van menig Spaanse middelbare man). Het helaas kwijtraken van je zonnebril. Kannen water naar binnen gieten. Hierin egoïstisch zijn en zodoende je net gekochte sinaasappelboom voor op het balkon bijna direct dood laten gaan van de dorst (hij is er weer bovenop). Het op je slippers een taalles in sjokken. Dagen (tot lichte ergernis van je vriendin) je zwembroek aan hebben. Activiteiten plannen in de ochtend. Of in de avond natuurlijk.

En zo lag ik vorige week al een paar keer te zwemmen in een buitenbad van half acht tot half negen in de avond, omdat je in de middag het bad uitfikt. De Madrileense zomer is zo slecht nog niet!

 

Eén gedachte over “De gevreesde Spaanse zomer”

  1. Een heel ‘schôn’ hoedje, Twan!!
    Én … maar goed dat je vroeger al die zwemdiploma’s gehaald hebt bij ‘Zwemvereniging de Watervrienden’, dan zie ik je met ’n gerust hart zo lekker in een Madrileens zwembad plonsen. Ik weet alleen niet of ze daar ‘Bommetje’ van de reclame-koe ook kennen 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.