Het zwaaien van de botafumeiro

Als reisleider kun je van alles doen om het mensen naar hun zin te maken. Verhalen over de geschiedenis vertellen, problemen oplossen, de actualiteit volgen, het juiste weerbericht voor de volgende dag paraat hebben, je verontschuldigen aanbieden als dit achteraf (weer) niet blijkt te kloppen. Kortom, met een beetje voorbereiding en hoffelijkheid kun je een aardig eind komen. Eén ding heb je alleen nooit in je macht: of je die reis nog een unieke gebeurtenis of feest gaat tegenkomen. En daarom is het juist zo bijzonder als het wel gebeurt. Zoals in Santiago.

Wij gingen op een grote reis via León en Santiago de Compostela richting Lissabon. Vooral Santiago wekt veel interesse: vrijwel iedereen kent wel iemand die te voet of op de fiets naar de pelgrimsstad is geweest. Overigens is dat meestal geen pretje. De Spaanse wandelpaden, en met name die naar Santiago, zijn saai, vervelend en liggen meestal kilometers lang naast provinciale wegen waar auto’s (en bussen met toeristen) met 90 kilometer per uur langsscheuren. Je moet wel veel behoefte aan bezinning hebben om tijdens dit soort etappes je werkelijk even los van de wereld te voelen. Niettemin passeren we vele wandelaars en pelgrims, allen te herkennen aan de grote witte jacobsschelp aan hun rugzak. De meeste ook nog gehuld in een poncho, want vooral in het gebied rond Santiago regent het vrijwel altijd.

Al deze pelgrims, sommigen al duizenden kilometers op pad, zijn op weg naar één doel: de kathedraal van Santiago de Compostela. Daar zouden volgens de overlevering de botten van de heilige Jacobus liggen. Niet alleen hebben deze dus een miraculeus lange reis gemaakt, ook zou Jacobus later in Spanje nog een belangrijke rol spelen door op allerlei veldslagen te verschijnen, om zo als Jacobus Morendoder een ereplaats in de Reconquista te krijgen. De belangrijkste Spaanse ridderorde werd daarom ook naar deze heilige vernoemd, en tijdens de kruistochten -onze christelijke Jihad-  op het Iberische schiereiland prijkte het kruis van Santiago op menig banier. Op talloze schilderijen, bijvoorbeeld in het Alcázar in Segovia, rollen de bebloede morenhoofden weg onder het grote wit paard waarop Jacobus zit. Op sommige veldslagen zou Jacobus de Grote maar liefst 60.000 Moren persoonlijk hebben omgelegd. Kortom, niet zo’n vreedzaam doel als menig pelgrim zou denken.

De kathedraal van Santiago

In de prachtige kathedraal van Santiago zelf is het echter pais en vree. Tientallen pelgrims, aangevuld met toeristen staan netjes in de rij om het beeld van de heilige te omhelzen. Door sommige wordt het beeld zelfs gezoend. Je hebt er meteen een mooi uitzicht over het schip van de kathedraal. In een tombe liggen zijn botten, die je mag gaan bekijken als een modern lampje op groen springt.

Maar dan is het plots twaalf uur. De kerk is al een tijdje eerder volgestroomd. De pelgrimsmis begint. Alle mensen die de mis niet willen bijwonen, worden verzocht de kerk te verlaten. De banken zitten vol met pelgrims – grote modderige wandelschoenen aan hun voeten. Ik leun tegen een stenen zuil aan en ben blij dat ik niet een bankje bezet waar sommige pelgrims zichtbaar afgepeigerd hun benen strekken. Of knielen. De meesten kijken voor zich uit met een gelukzalige glimlach: het doel is bereikt.

Dat meldt ook de priester van dienst. Hij vraagt zich af wat iedereen heeft bewogen zijn huis en familie te verlaten om op zoek te gaan naar deze kerk, naar dit pelgrimsoord. Misschien om het geloof te hernieuwen, misschien om hoop te vinden, misschien om de solidariteit met anderen te herontdekken. Het is een mooie, maar lange preek, en volledig in het Spaans. Her en der zie je een enkele verveelde toerist langzaam wegsluipen.

Dat is pijnlijk jammer, want na deze omvangrijke preek start een redelijk unieke gebeurtenis. De zilveren botafumeiro gaat zwaaien. Het is een enorm wierookvat, die naar het schijnt maar een keer of twaalf per jaar gebruikt wordt: op feestdagen, en als iemand er een speciale donatie voor doet. Dat is kennelijk gebeurd, want het is nu een normale zaterdag.

Een beer van een misdienaar met een woeste zwarte baard pakt het vat op, en geeft het vat een zetje. Het stelt niet veel voor. Van links naar rechts schommelt het vat door de zijbeuken langs het hoofdaltaar. Tot een ploegje priesters met een verbazingwekkende techniek het koord aantrekt waaraan het vat hangt. Het vat valt in een soort natuurlijke slingerbeweging en wint aan vaart. Weldra scheert het aan weerzijden over de banken met de pelgrims, enorme wierookluchten achterlatend. Het groepje priesters geeft nog een ruk aan het koord. De top van de kathedraal is 75 meter, en ik schat de zijbeuken toch zeker wel op zo’n 30 meter hoog. Niettemin knalt het wierookvat, dat nu zijn slag te pakken heeft aan weerzijden bijna tegen het dak aan.

‘Het wierookvat zwaaien’: een spreekwoord voor lof toezwaaien. Welnu, de pelgrims krijgen hier meer dan alle lof voor hun inspanningen. Al de zo verfoeide kilometers langs regenachtige autowegen – ze zijn als sneeuw voor de zon verdwenen. Wat rest zijn dikke wolken wierook, hangend in de volle kathedraal. Als de dikke bebaarde priester het vat met een soepele draai stil zet, zie ik wat reizigers uit mijn groep geïntrigeerd nagenieten. Het is toch gelukt, we hebben iets unieks meegemaakt. En niet eens al die kilometers in de benen.

Met dank aan Hans voor het filmpje!

***

Praktische informatie:

-Officieel mogen de suppoosten om te voorkomen dat er ‘wierookvattoerisme’ ontstaat, niet vertellen wanneer het vat zwaait. Je moet geluk hebben, of beschikken over goede bronnen.

-Als het vat gaat zwaaien: neem plaats in de zijbeuk. Daar heb je veruit het beste zicht op het spektakel.

 

Eén gedachte over “Het zwaaien van de botafumeiro”

  1. Niet alleen lof voor de pelgrims, maar ook voor de reisleider: een hele kunst om op het juiste moment op de juiste plaats te zijn! Toeval of niet, al het goede komt van boven…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.