Over een zandweg

En de prijs voor het meest merkwaardige stadje in Spanje gaat in 2016 naar El Rocío! El Rocío, het is een plek die bijna niet te beschrijven is.

Al drie keer ben ik aan dit stukje begonnen en elke keer twijfel ik waarmee ik moet beginnen. Misschien met een oude foto die op de gang bij mijn ouders hangt van mijn geboortedorpje Dommelen. Hij oogt oud. Er staat een meisje op, een ventje met een platte pet en een laan met oude loofbomen, wat huizen en boerderijen. En hoewel de foto een soort sepia-achtige bruine kleur heeft, is dat niet hetgeen dat de foto echt oud maakt. Nee, het zijn vooral de zandpaden die het Dommelen uit een ander tijdperk te voorschijn laten komen. Vroeger dus hobbelige paden met kuilen, nu allemaal geasfalteerd of beklinkerd. Het is haast niet meer voor te stellen. Ik weet dan ook niet waar precies de foto vroeger is genomen, terwijl ik mijn dorp goed ken.

Welnu, El Rocío, een stadje nog ten zuiden van Sevilla, bestaat helemaal nog uit zandpad. Als je binnenkomt waan je je in een andere tijd. Omdat het tijdens ons bezoek regelmatig regent, wordt het ook een soort avonturenpark, want er zitten zoveel kuilen in de weg vol met water dat je eigenlijk niet weet of je de auto min of meer in een modderig zwembad rijdt.

Niet alleen onze auto dompelt onder

Voor het hedendaagse vervoersmiddel dus enigszins onpraktisch, maar die hebben dan ook een ondergeschikte rol in dit plaatsje. Het paard is hier namelijk nog heer en meester. De weg is dus voor hem onverhard gehouden, maar ik vermoed dat het toerisme er ook iets mee te maken heeft. Hoe dan ook, het geeft El Rocío het aanzicht van een stadje waar net de laatste shoot-out van Clint Eastwood heeft plaatsgevonden. Lage gebouwen met grote verandas, her en der een ton, de lokale bar heeft een plek waar je je paard vast kan binden: alles lijkt op een western.

Te paard in El Rocío

Toch is het niet deze cowboy-achtige uitstraling die van El Rocío een toeristentrekker heeft gemaakt. El Rocío heeft twee andere troeven.

De eerste is het natuurgebied de Doñana. Daarvoor zijn wij gekomen. Het is een soort wetland, helemaal in het zuiden van Andalusië. Het is uniek in Spanje: grote vlakten vol vennen, meren, grassoorten en vogels. Best Nederlands eigenlijk. Maar het wordt inmiddels bedreigd doordat het waterpeil te laag staat. Hier is voornamelijk de aardbeienteelt in de omgeving debet aan, die groots gestimuleerd is door de overheid om enige welvaart te creëren en die nu dus nadelige gevolgen blijkt te hebben. Vele vogels en planten ondervinden last van het gebrek aan water, zo zeer zelfs dat er sommige soorten als de marmereend (wie kent hem niet?) ernstig bedreigd zijn.

De werkelijke bestemming

Ten tweede blijkt dit oord van circa 1.800 zielen elk jaar tijdens één week bijna een miljoen (!) bezoekers te trekken. Dan is namelijk de jaarlijkse processie, waar er met een Mariabeeld het natuurgebied ingetrokken wordt. De diepgelovige Spanjaard wil hier natuurlijk bij zijn, en vandaar dat er dan een topdrukte is waarbij de hotels en restaurants, die nu een wat armetierige indruk maken, afgeladen vol zitten. Sterker nog, er zijn ook allerlei broederschappen die een eigen huis hebben in het oord, simpelweg om tijdens deze processie een onderkomen te hebben. Vanaf de 17e eeuw maakten deze broederschappen met huifkarren lange tochten dwars door de moerassen als pelgrimage. Nu doen sommige dat nog steeds, maar hebben de meeste broederschappen wel een eigen onderkomen in El Rocío. Ze lijken leeg en ongebruikt op het moment dat we aankomen. Niet alleen een western-, maar ook een spookstadje?

Regenachtige devotie

Totdat opeens op zondagochtend de kerkklokken luiden. Wij sjokken door de modder richting de kerk. Daar komt een menigte samen. Eén voor één trekken, ook in deze grauwe decembermaand, allerlei broederschappen met fluiten, trommels en vaandels van hun ‘hermandad’ door de zanderige straatjes. Met lange, hoog opgetrokken passen proberen ze de diepe plassen te ontwijken om zo uiteindelijk in de kerk terecht gekomen, waar ook deze zondag weer de lof op de Maria del Rocío wordt bezongen. Ik zie zelfs een aantal jongeren in het broederschap. Even later komen er enkele bussen vol met gelovigen in het oord aan. Kortom, de pelgrimage hoort nog niet bij de vervlogen tijden. Ondanks de lege indruk in de koude maanden, ondanks de zandwegen.

De broederschap op pad

 

 

3 gedachten over “Over een zandweg”

  1. Zag de meisjes touwtje springen en dan nog iets met snoep kopen….Wim Sonneveld zong al over Dommelen en ook El Ricio!
    Indrukwekkend einde van je 2016 blogs. Hoop er van nog veel te genieten in 2017. Geniet en vooral een gezond en voorspoedig nieuw jaar

  2. Twan, ik zal het verklappen: die straat op de oude foto (op de overloop/gang boven) is de Bergstraat (vroeger de ‘grote’ weg door Dommelen). Als je goed kijkt zie je helemaal aan het eind van de zandweg een stukje Brouwerij (daar draai je linksaf de Westerhovenseweg op en kom je snel bij je ouderlijk huis). Daar bracht men vroeger ook met paard en kar de melk rond … inderdaad Frank, net die oude ansichtkaart van Wim Sonneveld met ‘een kar die ratelt op de keien’.
    Ook wij hebben in Andalusië mensen gezien die altijd te paard reisden. We hebben daar een foto gemaakt van een man die z’n paard bij het café aan het hek bond om er eentje te gaan drinken, nadat hij van de supermarkt kwam ….. apart om te zien!
    Je waant je in een Wild West cowboyfilm 🙂
    Trouwens ik sluit me bij Frank Pavias aan: “Blijf schrijven, ik kijk er naar uit … óók in 2017”!!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.